14 mei 2026

Christus voer ten hemel
én nam ons mee

Dat Jezus naar de hemel is gegaan, noemen we een ‘heilsfeit’. Maar wat betekent Zijn hemelvaart nu voor ons in het leven uit het geloof? De toepassing van een oude preek maakt het ons duidelijk dat niet alleen Christus in de hemel is, maar wij – ons vlees – met Hem.

Met welk doel heeft Christus’ hemelvaart plaatsgevonden? Augustinus zegt dat de hemelvaart dient tot bevestiging van het algemene, ongetwijfelde christelijk geloof. Paulus zegt dat Hij is opgevaren ver boven alle hemelen om alle dingen te vervullen (Efeze 4:10). De middeleeuwse Bijbeluitlegger Nicolaas van Lyra voegt hieraan toe dat het was om te vervullen wat er over Hem in de profeten geschreven staat. Ook Christus zelf zegt dat: ‘Denk niet dat Ik gekomen ben om de Wet of de Profeten af te schaffen; Ik ben niet gekomen om die af te schaffen, maar te vervullen’ (Mattheüs 5:17).

De hemelvaart heeft ook plaatsgevonden om daarmee duidelijk te maken dat Jezus waarachtig God is. Dat had David al gezegd: ‘God vaart op onder gejuich’ (Psalm 47:6; zie ook 68:19 en 104:3). Daarmee laat Hij zien dat Hij volkomen macht en gezag heeft over alle mensen (Johannes 17:2; Mattheüs 28:18) en dat Hij daarboven in de hemel voor ons een plaats bereidt (Johannes 14:2; 17:24).

Wat Christus door Zijn hemelvaart heeft verkregen, brengt Paulus als volgt onder woorden: ‘Hij heeft de overheden en de machten ontwapend, die openlijk te schande gemaakt en daardoor over hen getriomfeerd’ (Kolossenzen 2:15). Zo zegt hij het ook in Efeze 4:8, waar hij Psalm 68:19 citeert: ‘Toen Hij opvoer in de hoogte, nam Hij de gevangenis gevangen en gaf Hij gaven aan de mensen.’

Door Zijn vrolijke en triomfantelijke hemelvaart heeft Hij ook voor ons de Heilige Geest verworven (Handelingen 2:4) en Hij heeft ons ‘met Hem in de hemelse gewesten gezet in Christus Jezus’ (Efeze 2:6). In zijn boek over de opstanding van het menselijke vlees zegt de kerkvader Tertullianus: ‘Zoals Hij ons de Geest als onderpand heeft gegeven, zo heeft Hij van ons het menselijke vlees als onderpand ontvangen. Dat heeft Hij meegevoerd naar de hemel als een vast en zeker teken dat Hij ook het geheel daar eenmaal brengen zal. Wees dan gerust, o vlees en bloed, want in Christus heb je de hemel en het koninkrijk van God verworven.’

Hoe kunnen wij ons de hemelvaart van Christus nu toe-eigenen en profijtelijk maken? Dat is allereerst in de vrees voor zonde en dood. Denk in alle aanvechtingen aan de hemelvaart van Christus. Vertrouw op Hem die in de hemel is en die daar voor ons bidt (1 Johannes 2:1). Geen schepsel is onzichtbaar voor Hem, alles ligt open voor Zijn ogen’ (Hebreeën 4:13).

Als wij dan met Christus zijn opgestaan, moeten we de hemelse goederen ook alleen bij Hem zoeken (Kolossenzen 3:4). ‘Ons burgerschap is echter in de hemelen, waaruit wij ook de Zaligmaker verwachten, namelijk de Heere Jezus Christus, Die ons vernederd lichaam veranderen zal, zodat het gelijkvormig wordt aan Zijn verheerlijkt lichaam, overeenkomstig de werking waardoor Hij ook alle dingen aan Zichzelf kan onderwerpen’ (Filippenzen 3:20-21). Hij zal ons dus ook verlossen van alle kwaad en ons in Zijn eeuwige, hemelse koninkrijk brengen!

Met de Vader en de Heilige Geest komt Hem toe alle lofprijzing, eer en heerlijkheid, van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.


Uit: Johannes Strackius,
De sanctis martyribus (Amsterdam 1617), 323 – hertaling: Kees de Wildt.

Meer toerusting