Beste bezoeker, dit is een beta-versie van onze nieuwe website. Meer informatie

Lengte: 59:17 / Bekeken: 499x

Het Evangelie betuigen

Waarom spreken over ‘betuigen’, moet dat niet ‘getuigen’ zijn? Waar zit het verschil in? Betuigen heeft veel meer in zich dat je doormiddel van getuigenissen de ander wilt overtuigen. Betuigen is veel breder dan waar ik over wil spreken. Het gaat mij om de rol van ‘apologetiek’ in het gesprek met de ander.

Laat ik maar meteen beginnen met verdedigen. Want wat moet je met apologetiek? Moeten we echt gaan overtuigen en gaan bewijzen dat God bestaat? Dat kan toch niet? En dan zit je op de toer dat je gelijk wilt krijgen. Moeten we niet gewoon getuigen en verder niet. Stel je voor dat je christelijk geloof kunt bewijzen, dan wordt het geloof naar beneden gehaald. Dan hebben we het in de vingers. Wij hebben God en Zijn werk niet in de vingers. En als je gaat nadenken dan wordt geloven toch niet makkelijker? Dat noemen we ‘fideïsme’. Dan zeg je tegen elkaar dat het niet om het begrip gaat, maar om het geloof. We zeggen dan: ‘Het moet niet in je hoofd, maar in je hart zitten.’ Spurgeon: ‘Moet ik de Bijbel verdedigen? Laat de Bijbel zichzelf verdedigen. Laat de leeuw los en hij doet zelf het werk.’ Er valt veel te zeggen over de scheiding die we hebben gemaakt tussen hoofd en hart. Ik denk dat het een modern verschijnsel is. Vroeger waren hoofd en hart veel meer met elkaar verbonden.

God is een Persoon, geloven is persoonlijk, daar helpen toch geen argumenten bij? Dat is een volgend tegenargument tegen apologetiek. Hoe word je op iemand verliefd? Geen eindeloze redenatie, maar door de ontmoeting gebeurt het of gebeurt het niet. En is een getuigend christenleven niet veel beter argument om te geloven dan dat we redeneren. De kracht van de vroege christenen toch ook? Ze bleven trouw in gezondheid en ziekte in hun huwelijken. We moeten het veel meer van ons leven hebben dat spreekt, dan onze woorden die beargumenteren.

Is apologetiek ook geen schande voor God? Moet ik God gaan verdedigen? Als God de meest levende realiteit voor je is, waarom zou je het bestaan van de Ander dan proberen te bewijzen? En zijn argumenten voor het bestaan van God wel effectief genoeg? Zomaar wat gedachten van kritiek op apologetiek.

En toch ben ik deze dag niet gekomen om apologetiek ter zijde te schuiven. Ik wil het belang ervan juist onderschrijven. Apologetiek is niet een wagen voor het verstand waarop je tot geloof zou kunnen komen. Nee, het gaat om verantwoording van het geloof. Het is namelijk niet zo dat iedere tegenwerping van het christelijk geloof gelijk heeft. Je kunt wel degelijk woorden aan geven waarom dat zo is. Het geloof gaat voorop, maar dat betekent niet dat verstand geen plaats heeft. ‘De verlichte ogen van het verstand.’ Juist door het geloof gaan je ogen voor de dingen open en ga je jouw verstand meer dan ooit gebruiken. In het geloof wordt door de Geest je hele mens aangeraakt. Dat is je hoofd, je hart, je handen, je ziel, je lichaam, je hele persoonlijkheid hoort dan bij God. Dus ook je verstand.

Het kan in een evangelisatiegesprek zo zijn dat iemand je iets tegenwerpt en dat in die tegenwerping iets echt niet klopt. Als iemands argument niet klopt, mag je dat gerust zeggen. Stel iemand zegt: ‘Hitler had honden en daarom zijn honden slecht.’ Is het daarom waar als je dat zo stelt? Nee, natuurlijk niet. Dat is een waardeloos argument. Kortom, we hebben veel ruimte om ons gezond verstand te gebruiken. Verstand geleid door het geloof. Als iemand gelooft is dat het meest verstandige wat er is om te doen. Dus daar mag je wel over denken en spreken.

Je ziet iets van apologetiek bij Jesaja. Hij maakt duidelijk hoe van de ene boom zowel een afgod wordt maakt als kachelhout om je aan te warmen. Hij gebruikt daarin een argument om duidelijk te maken dat de afgod niet een levende werkelijkheid is. Wij maken God niet, God maakt ons. Dat is het argument. En omdat Hij ons gemaakt heeft, daarom is er hoop op verlossing. Jesaja brengt dus een argument in om duidelijk te maken hoe onredelijk is om te geloven in een god van hout.

Paulus op de Areopagus zie je dat ook gebeuren. Hij sluit aan bij de afgodendienst. Vanwege het altaar van ‘de onbekende god’ komt hij in gesprek met mensen. Het geeft hem de mogelijkheid om te spreken over de levende God.

De secularisatiethese blijkt niet echt uit te werken. Door meer studie en kennis zal religie verdwijnen. Dat lijkt er momenteel niet echt op. In Amerika is het ‘nieuw atheïsme’ steeds meer in opkomst. Ze ondernemen allerlei pogingen om het ongeloof te verspreiden. In Engeland rijden de bussen nog steeds rond met reclame tegen geloof en God. En je moet zeggen dat er veel retorische kracht zit in veel publicaties. Wat dacht je van ‘God als misvatting’ door Richard Dawkins? En sinds 2009 is er ook een afdeling van ‘nieuw atheïsme’ in Nederland. Veel gebruikte argumenten tegen geloof is de misbruikzaken in de kerk, de kolonisatie in het verleden en terreurslagen in onder andere Amerika.

De kern van ‘nieuw atheïsme’ is: ‘de wereld zonder religie zou beter zijn.’ Het geloof in God is net zo geloofwaardig als geloven in een de zwevende theepot in de ruimte. Niemand weet of het waar is of niet waar is, maar het maakt geen verschil. Het is hoe dan ook niet geloofwaardig om er vanuit te gaan. De basis van het christelijk geloof, het gebed, is volgens atheïsten onzin. Enkele onderzoeken hebben gebedsverhoringen getest en het blijkt niet te werken. En kijk naar de misdaadcijfers. In steden waar veel christendom is, daar was meer criminaliteit dan in de steden waar de verhouding anders lag. Al dit soort denken zit in de haarvaten van onze samenleving.

Het christelijke geloof is niet het enige wat iets uit te leggen heeft. Ook het atheïsme heeft onbewezen uitgangspunten die verdedigend moeten worden. De werkelijkheid is veel beter te duiden vanuit die Ene God, dan dat er geen God zou zijn. Apologetiek is niet alleen voor buitend e kerk, maar ook binnen de kerk. De kerkverlaters van morgen, zitten vandaag nog in de kerk. Dus zorg dat er in preken iets zit van bagage voor zowel binnen als buiten de kerk als het gaat om apologetiek.

Op catechese gaan veel vragen over apologetiek. Ik denk dat we onze jonge mensen serieus nemen als we daar op ingaan en met ze meedenken. Je kunt ze niet tot geloof brengen, maar wel allerlei hindernissen van het christelijk geloof wegnemen. Apologetiek is een hulpdienst om het Evangelie echt te horen.

Het christelijke geloof gaat niet alleen om de persoonlijke bekering van een mens, maar ook een wereldwijze visie op het leven. Dat laatste heeft ook impact op ieder individu zowel binnen als buiten de kerk.

Van der Staaij sprak in 2016 bij tv-programma ‘De Wereld Draait Door’ over ‘Second Love’. In een seculier en humanistisch klimaat sprak hij zich uit voor een christelijke levensbeschouwing. Opvallend is dat Van der Staaij geen Bijbeltekst geciteerd. Hij citeerde de Bijbel indirect om zo in gesprek te blijven. Hij maakte gebruik van basale kennis en uitgangspunten in de samenleving. Op noties van trouw, verantwoordelijkheid en eerlijkheid zette hij hoog in. En kijk naar de effecten van overspel, dat is gewoon wetenschappelijk bewezen. Wat hij deed was pure apologetiek.

Het gesprek over de moraal zou wel eens het meest effectief kunnen zijn in het apologetische gesprek. Als God niet bestaat, zouden er dan nog geboden? Als God er niet is, is dan niet alles geoorloofd? Zijn er dingen die slecht zijn ondanks van opvattingen van mensen en culturen? De meeste mensen erkennen dat er een norm is die onafhankelijk is van de grillen van de dag. Als er absolute normen zijn, waar komen die dan vandaan?

Wetenschap kan nooit zeggen wat niet kan. Ze kan alleen zeggen wat er gebeurt. Waarom worden er dan door sommige wetenschappers soms dingen uitgesloten? Waarom is een opstanding uit de doden bij voorbaat uitgesloten?  Als je ziek bent en naar de dokter gaat, dan kan de dokter toch niet zeggen: ‘Dit kan niet, je ziekteproces loopt anders dan ik bij anderen heb gezien en heb geleerd.’ Je zult zeggen: ‘Dokter, dat zal best. Maar ik ben ziek, en dit is het. Dan zult u uw theorie moeten aanpassen.’

Meer toerusting