2 mei 2019

Hij zal je ziel weer herstellen

Koning David schreef Psalm 22 én Psalm 23, maar als niemand ons dat verteld zou hebben, zouden we het misschien niet geloven. Deze twee oude liederen over het geloof zijn zo totaal verschillend. De eerste paar verzen van elke psalm zetten de toon. Hier zijn de eerste twee verzen van Psalm 22:

‘Mijn God, mijn God waarom hebt Gij ons verlaten, bent U ver van mijn verlossing, van de woorden van mijn jammerklacht? Mijn God, ik roep overdag maar Gij antwoord niet, en ’s nachts maar ik vind geen stilte’ (Psalm 22:2-3).

Lees nu de eerste drie verzen van Psalm 23:

‘De HEERE is mijn Herder, mij ontbreekt niets. Hij doet mij nederliggen in grazige weiden, Hij leidt mij zachtjes naar stille wateren. Hij verkwikt mijn ziel, Hij leidt mij in het spoor van de gerechtigheid omwille van Zijn naam’ (Psalm 23:1-3).

In Psalm 22 voelt David zich verlaten door een God die niet reageert. In Psalm 23 voelt David zich geleidt door een altijd oplettende God. In Psalm 22 is Davids ziel in rusteloze pijn. In Psalm 23 wordt Davids ziel hersteld in een vertrouwde rust in de zorg van de Goede Herder.

Twee perspectieven op de werkelijkheid

Het is door Gods mooie en gracieuze voorzienigheid dat deze twee zeer verschillende psalmen naast elkaar worden geplaatst, geschreven door dezelfde persoon. Ze illustreren de verschillende manieren waarop we de vreemde realiteit ervaren, zo is het leven van het geloof in onze wereld. Als we lang genoeg leven, ervaren we allemaal het soms pijnlijke verschijnsel van Gods schijnbare stilte. En we zullen allemaal Gods vriendelijke herstel, vrede en bescherming ervaren. In feite realiseren we ons uiteindelijk dat wat een verlaten gevoel betekende, een barmhartige nabijheid en herderlijkheid was die we niet eerder begrepen of waargenomen hadden. We ontdekken dat Gods beloften oneindig veel substantiëler en betrouwbaarder zijn dan onze waarnemingen.

Maar er is een nog diepere schoonheid en gratie in deze poëtische en thematische nevenschikking. Beide psalmen zijn messiaans – ze zijn een voorafschaduwing en profeteren van Jezus. En in deze diepe zin ontdekken we dat de volgorde waarin deze psalmen verschijnen niet toevallig is.

Jezus was verlaten

We kennen Psalm 22: 1. De eerste zin is een van de beroemdste in de Bijbel. Want Jezus schreeuwde ze uit in een onpeilbare pijn aan het kruis: Eli, Eli, Lema Sabachani? (Matteüs 27:46).

Stop en denk na over deze zin. Duik er zo in diep als je kunt. Je komt er nooit helemaal uit.

Er was een moment, in het midden van de gebeurtenis, toen God door God verlaten was. Voor wij die geen God zijn en die slechts enkele dimensies van de werkelijkheid kunnen ervaren, is dit mysterieus. Maar het was geen mysterie; het was gruwelijk echt. God de Zoon, de eeuwige vreugde van de Vader, de afstraling van de heerlijkheid van de Vader, de exacte afdruk van de natuur van de Vader en het aardse zichtbare beeld van de Vader (Hebreeën 1: 3, Kolossenzen 1:15) werd in dat onbegrijpelijk donkere moment onheilig  door de zonde – onze zonde (2 Korinthiërs 5:21). En op dat moment konden de heilige Vader en de Heilige Geest de Heilige Zoon niet verdragen, omdat Hij op dat moment onheilig werd. God werd het voorwerp van Gods toorn. Een verschrikkelijke, voor eens en altijd voorkomende kloofscheuring tussen de Vader en de Zoon.

Voor Jezus was het een echt hels moment, en daarom was volgens R.C. Sproul, Jezus schreeuw in Psalm 22: 1 ‘de schreeuw van de verdoemden. Voor ons.’ Uit liefde voor ons die wij nauwelijks kunnen doorgronden, nam hij onze verdoemelijke vloek op zich en werd de verzoening voor onze zonden (Galaten 3:13; 1 Johannes 4:10). En hij deed het voor ons, zodat onze vloek voor eeuwig zou worden weggenomen, we de voorwerpen van Gods eeuwige genade zouden kunnen worden en voor altijd bekleed zullen zijn met de heiligheid en gerechtigheid van God (2 Korinthiërs 5:21). Psalm 22 doet veel meer dan ons woorden geven om te bidden tijdens onze seizoenen van geestelijke verlatenheid. Het geeft ons woorden om de verlatenheid te begrijpen, die God de Zoon heeft ervaren om onze vrede en herstel te kopen.

Zodat dat jij nooit verlaten zal worden

Dit herstel, het grote Messiaanse herstel, heeft David van vreugde laten zingen in Psalm 23. De Goede Herder, die Zijn leven heeft neergelegd voor de schapen (Johannes 10:11), geeft Zijn schapen het eeuwige leven en ze zullen nooit vergaan, en niemand zal ze uit Zijn hand kunnen rukken (Johannes 10:28).

Niemand. Niet ‘de dood noch het leven, noch engelen noch heersers, noch tegenwoordige dingen, noch toekomstige dingen, noch machten, noch lengte noch diepte, noch iets anders in de hele schepping, zal ons kunnen scheiden van de liefde van God in Christus Jezus, onze Heer’, de grote Herder van de schapen – hoewel we door de vallei van de schaduw van de dood wandelen (Romeinen 8: 38-39; Hebreeën 13:20; Psalm 23: 4).

Onze grote Herder heeft vóór ons en voor óns en door deze vallei gelopen. In deze vallei was hij verslagen en bedroefd, verraden, tot een bloedige pulp geslagen en bruut gekruisigd door het kwaad. Hij werd doorboord voor onze overtredingen en verpletterd voor onze ongerechtigheden (Jesaja 53: 5). Hij werd geslagen en verlaten door God (Jesaja 53: 4; Psalm 22: 1).

En hij deed dit voor ons, zodat Hij tegen ons zou zeggen: ‘Ik zal u beslist niet loslaten en Ik zal u beslist niet verlaten’ (Hebreeën 13: 5).

Hij zal je ziel herstellen

In deze wereld zullen we verdrukking hebben (Johannes 16:33). Het beeld wat de Bijbel tekent over de verdrukking is verschrikkelijk realistisch. Psalm 22 is een beschrijving van Davids verdrukking en die verdrukking was zwaar. Maar het is ook een beschrijving van de verdrukking van Jezus, die oneindig veel zwaarder was dan die van David – of die van ons.

Voel je je verlaten door God? Jezus begrijpt het. Hij begrijpt echt meer dan je denkt. We kunnen ons verlaten voelen door God; Jezus was verlaten door God. We voelen ons eenzaam; Jezus was, voor een vreselijk moment, écht alleen. Als onze Grote Hogepriester is Hij in staat om met ons mee te voelen in al onze zwakheden, omdat Hij op dezelfde manier verleid werd als wij worden, maar Hij bleef zonder zonde (Hebreeën 4:15).

Maar Jezus doet veel meer dan meevoelen met ons. Als ons grote Offerlam verzoende Hij voor elke zonde die we begaan in al onze zwakke, ontrouwe struikeling. Hij verwijderde onze vloek voor eeuwig door onze vloek te worden. En als onze grote Herder leidt Hij ons door elke verdrukking – hoe ernstig ook – naar eeuwig herstel.

Dat is de belofte van Psalm 23, gekocht door de prijs van Psalm 22: je Goede Herder zal je ziel voor altijd herstellen. Hij was verlaten door God, geminacht en bespot door mensen, en zijn handen en voeten waren doorboord (Psalm 22: 1, 6-7, 16) voor jou. Zodat Hij je door elke boze vallei zou kunnen leiden, je zou kunnen eren voor elke kwaadaardige vijand, je elke dag van je aardse leven kan vullen met goedheid en genade, en je voor altijd bij Hem in zijn huis kan brengen (Psalm 23: 4-6).

Psalm 22 kan voor een korte nacht uw lied zijn, maar Psalm 23 zal uw lied zijn voor een eeuwige ochtend (Psalm 30: 5).

Meer toerusting